Wanneer Het Leger in de Schaduw ...
Geschiedenis van België 1940 – 1945:
wanneer … het Leger in de Schaduw … zich laat kennen.
Ongeveer 18.000 inlichtings- en actieagenten werkten in België, en in het buitenland, ’t is te zeggen evenveel als een divisie, of zelfs een heel legerkorps. Dag na dag, groef deze enorme vijfde colonne, zoals mollen, gangen onder de voeten van de bezetter.
Het komt regelmatig voor dat journalisten en onafhankelijke auteurs een verkeerd beeld ophangen van de gebeurtenissen tijdens de laatste oorlog, omdat ze de rol en de werking van de Belgische geheime diensten van deze periode vergeten. Men verwart ook zeer dikwijls de netwerken en de opdrachten van de inlichtings- en actiediensten met de organisaties van het gewapend verzet.
De toekenning van het statuut van inlichtings- en actieagent heeft allerhande vormen van politieke beïnvloeding kunnen voorkomen. Dat is des te verwonderlijk in de naoorlogse periode, toen plots duizenden, zoniet tienduizenden personen een laattijdige roeping ontdekten om inlichtings- en actieagent te worden. Zestig ten honderd van de aanvragen tot erkenning werden geweigerd (of 45.000 aanvragen; 18.716 erkenningen; 26.284 verwerpingen)
De Unie der Inlichtings- en ActieDiensten (U.I.A.D.) groepeert de overlevenden van de Belgische clandestiene netwerken van de oorlog 40-45, evenals de weduwen en wezen van de geëxecuteerde agenten, of zij die van uitputting zijn gestorven in de concentratiekampen. De benaming “Inlichtings- en ActieDiensten” (I.A.D.) slaat niet enkel op een groepering en/of particuliere organisatie, maar ze omvat het globaal van de verschillende netwerken van de Speciale Diensten.
Deze netwerken werkten voor de geallieerde Generale Stafs in volgende domeinen:
Militaire, economische en politieke inlichtingen: netwerk Clarance, Luc-Marc, Zéro, enz…
Sabotage: netwerk Luc,Groep G, enz…
Vluchtlijnen voor vliegend personeel, agenten en vrijwilligers: netwerk Luc, Zéro, Comète, Pat O’Lary, enz…
De tegenpropaganda: netwerk Carol, Samoyède, enz…
De strijd tegen de deportatie van arbeiders en tegen de levering van produkten: netwerk Socrates, Baboon-Othello, Manfriday, enz…
De verbindingen via radio, land- en luchtwegen ten voordele van de netwerken;
De opleiding van de guerrilla in het kader van bepaalde gewapende verzetsbewegingen zoals het geheime leger en het onafhankelijkheidfront;
De meteorologische waarnemingen en diverse andere activiteiten ten voordele van de geallieerde legers;
De inlichtings- en actieagenten werden geparachuteerd, of ontscheepten per vliegtuig of boot, bij nacht en in burger, of werden op het terrein zelf gerekruteerd. De eerste netwerken kwamen in actie vanaf het begin van de oorlog.
Alle erkende agenten hadden een wezenlijke en dagelijkse militaire activiteit. Ze hebben na de oorlog de wettelijke erkenning gekregen voor hun verdiensten door toekenning van de titel “ Inlichtings- en ActieAgent ” (Koninklijk Besluit van 1 september 1944, betreffende de agenten der Inlichtings- en ActieDiensten, verschenen in het Belgische Staatsblad van 15 oktober 1944, bijgewerkt en vervangen door het Koninklijke Besluit van 16 februari 1946, verschenen in het Belgische Staatsblad van 27 maart 1946).
Een beperkt aantal van de inlichtings- en actieagenten (5.266) werden benoemd tot een militaire rang. Het betrof hier geen gelijkstelling, maar een rang in de schoot van het leger zelf, toegekend met een extreme karigheid. Officieren (1.539x) waarvan 1x kolonel, 6x luitenant-kolonel, 50x majoor, 190x kapitein, 932x lieutenant, 360x onderluitenant en onderofficieren (3.727) waarvan een overgrote meerderheid adjudant. We dienen hier wel te preciseren dat van de 5.266 agenten die een militaire rang bekwamen, 1.817 agenten ofwel 34,5 % deze postuum kregen toegekend.
De 13.450 andere personen die op een of andere wijze hadden deelgenomen aan belangrijke en regelmatige activiteiten van de inlichtings- en actieagenten werden slechts erkend als helper van eerste of tweede klasse. Geledenheidsmedewerkers (niet erkend) ± 10.000.
Het is evident dat het overgrote deel van die agenten die de oorlog overleefd hadden, reeds zijn overleden. Velen zijn vroegtijdig gestorven, daar zij werden opgesloten in de concentratiekampen, en terug zijn gekomen als grootinvaliden.
De titel van inlichtings- en actieagent of van helper werd slechts toegekend na een zeer streng onderzoek naar het oorlogsverleden van de geïnteresseerde, die een actieve en belangrijke deelname aan clandestiene operaties moest kunnen voorleggen. Een simpele “toetreding” tot een weerstandsbeweging volstond niet om deze erkenning te verkrijgen.
De agenten en helpers hebben deze erkenning slechts gekregen voor de beperkte periode van hun persoonlijke en directe deelname aan operaties der geheime diensten. Deze periode van deelname aan de strijd is wettelijk erkend als “Dienst aan het front”. Enkel het statuut van Inlichtings- en Actieagent erkende die hoedanigheid. (artikel 8 van het Koninklijk Besluit van 16 februari 1946).
De houder van een titel van Inlichtings- en Actieagent kan dit aantonen door een bijschrijving op zijn “Kaart van Oorlogsstrijder”, het officiële document uitgegeven door het Ministerie van Landsverdediging, dat de data vermeld van het begin en het einde van de acties van de agent. De houder bezit onder andere over benoemingsgetuigschriften van helper of inlichtings- en actieagent, erkenningen die niet onderling of met andere activiteiten in de weerstand kunnen verwisseld worden.
De titel van agent of helper van de Unie van Inlichtings- en ActieDiensten bevestigen dus niet het lidmaatschap van een welbepaalde groepering, maar geven de uitzonderlijke waarde weer van de geleverde diensten. Alle personen waarvan de clandestiene activiteiten beantwoorden aan de strenge criteria van het statuut van de inlichtings- en actiediensten, kunnen zich laten erkennen als inlichtings- en actieagent of helper.
De vereniging, die de agenten van de inlichtings- en actiediensten groepeert, is gesticht in Brussel, op 30 september 1945, en de statuten van de v.z.w. werden gepubliceerd in het Belgische Staatsblad van 1 december 1945, in de beide nationale talen.
Op 25 februari 1998 werd het statuut van KONINKLIJKE Unie der Inlichtings- en ActieDiensten toegekend.
De laatste gewijzigde statuten in functie van het Koninklijke Besluit van 26 juni 2003, werden goedgekeurd op 28 juli 2005 en gepubliceerd in het Belgische Staatsblad op 27 oktober 2005. De K.U.I.A.D. telde begin januari 2006 ongeveer 300 effectieve leden en evenveel sympathisanten, in regel met hun lidgeld.
Wij nodigen de lezer, die zich kan vinden in deze tekst uit, om zich, schriftelijk of met e-mail, kenbaar te maken. Bent u echtgenoot, echtgenote, kind of een afstammeling van een agent, wordt dan sympathiserend lid, en contacteer een van onze secretariaten.


<< Home