20-10-2009: update "collaborant opgepakt"
EEN COLLABORANT VEROORDEELT IN FEBRUARI 1947 WERD OPGEPAKT
Tekst ge-update op 20 oktober 2009
Het is deze woensdag 29 oktober 2008 dat een achtervolging begonnen op 31 mei 2007 wordt beëindigd, met de arrestatie van de GBR (naam geleend, laat ons zeggen voor Grote Blonde man met Revolver).
Deze Belg waarvan de familie van Leuven afkomstig is, werd aangehouden dichtbij Brussel op dezelfde manier waarop de Gestapo de verzetstrijders aanhield: een gewone wagen staat te wachten met 3 mannen aan boord. De verdachte verlaat zijn verblijfplaats en de 3 mannen omsingelen hem. Hij is verplicht hen te volgen en in de wagen te stappen.Aan zijn interpellatie, zijn er verschillende feiten voorafgegaan, het is een geheel toevallige samenloop van omstandigheden, te beginnen met de dood van een persoon op 17 januari 2002. Deze zal ons geleidelijk aan in contact brengen met andere personen, tot we vernemen dat tussen die personen, wel degelijk een oud nazi medewerker zit ... die ter dood veroordeeld werd, maar hieraan kon ontsnappen daar hij op de vlucht was, op het moment van zijn proces dankzij de hulp van zijn familie. Hij zal op deze manier nooit verontrust worden, maar GBR is goed op de hoogte van het uitgesproken vonnis.
Deze laatste kwam geregeld naar België, voor het beheren van de Bezittingen van verschillende personen die hij uiteindelijk bedreigde. Voor iemand dieonder andere werd veroordeeld om mensen te hebben verraden door de geestvan winstbejag, zijn de zaken weinig veranderd. De veroordeling herneemtzelfs de verklaring van het woord winstbejag in de Larousse woordenboek vantoen. Met winstbejag, dient men te begrijpen: de winst, het voordeel, hetprofijt waarop we belust zijn en niet alleen het simpele verlangen om zijnverblijfskosten te verzekeren. Gerechtigheid dwingt ons het artikel 123 van Wetboek van Strafrecht door te geven, door te zeggen, « door» winstbejagen niet «met» winstbejag, dat deze geest het motief moet zijn van hetschuldige gedrag...
We zullen hem volgen en zijn verblijven en ontmoetingen weer samenstellen. We zullen genieten van de medeplichtigheid van de personen die hem hebben gekend, jong en arrogant, ijverig medewerker betaald door de Duitse bezetter voor iedere daad van verraad. We zullen erin slagen om récente fotografische documenten en actuele dreigbrieven geadresseerd aan Belgische burgers te bekomen. We laten niet meer los totdat ons dossier volledig is en kan doorgegeven worden aan de Belgische Federale Politie die ons dossier zal heropenen.
Er is veel veranderd sedert de laatste veroordeling uitgesproken door de Oorlogsraad van Charleroi op 18 april 1946, die GBR veroordeelde tot de doodstraf en tot het storten van schadevergoeding met intrest voor de som van 500.000 BEF (+/- 12.400 €) aan de Belgische staat, alsook het terugstorten van de winst door zijn activiteiten opgebracht, geschat op 36.000BEF (+/- 890 €) en tot betalen van kosten en uitgaven, geschat op 5 BEF (+/- 0,12 €). Maar GBR heeft zich onttrokken aan het gerecht: hij vlucht naar Spanje, heeft zijn leven herbegonnen in Bolivië voor hij zich terug in Spanje kwam vestigen met verschillende fortuinen.
Voor het definitieve vonnis is er van de opgepakte, geen oppositie geweest tegen de veroordeling, uitgesproken op 28 februari 1947 : GBR verliest de Belgische Nationaliteit.
Gedurende verschillende jaren deden geruchten de ronde dat hij zou zijn overleden. Niets was minder waar.
Alle daden waarvan hij werd beschuldigd werden gepleegd tussen februari 1941 en juni 1944. Er wordt hem onder andere, het verraden aan van een bekend persoon (naam en adres vermeld in de rechtzaak) verweten: "Goddeloos verraden aan de vijand de heer A".
GBR was 24 jaar toen hij ter dood werd veroordeeld. Hij werd aangehouden in zijn 86ste levensjaar en gedurende verschillende uren ondervraagd om terug vrijgelaten te worden, alvorens voor een rechter te verschijnen. Waarna hij een tweede keer vlucht naar Spanje.
Zijn veroordeling werd bevestigd, 62 jaar geleden. Hij is geen Belg meer ... en gedurende de ondervraging, vernemen we dat hij geniet van een extranationale bescherming met geschreven bewijs op zak. Hij verkondigde dat hij werd veroordeeld in 1946 op basis van foute informatie ... Hij ging niet in beroep.
Het blijft een feit, dat zelfs nu hij terug vrij is, dankzij verschillende Belgische wetten van amnestie en door de dertigjarige verjaring, dit alles hem nooit zal doen vergeten dat hij steeds gekend is en gevolgd wordt door België, het land dat hij verraden heeft uit winstbejag.
De leuze van het Inlichtings- en Actieleger is POTIUS MORI QUAM FOEDARI wat wil zeggen nog liever sterven dan zich te onteren.
Onze interpellatie van deze verrader is geen wraakactie. Ze werd volbracht ter nagedachtenis van alle Agenten van het Inlichtings- en Actieleger die dergelijk verraad betaald hebben met hun bloed.
Diegenen die dieper willen ingaan op de vraag van de repressie van de collaborateurs in België, nodigen wij uit om de gerealiseerde studie onder de leiding van Luc Huyse en Steven Dhondt, beëindigd in september 1991 door het publiceren van een boek genaamd Onverwerkt verleden, Collaboratie en Repressie in België 1942 - 1952 (bij de Uitgeverij Kritak) die verscheen in het Frans met nieuwe elementen, in 1993, bij de Uitgeverij van CRISP onder de titel La Répression des Collaborations 1942 - 1952 un Passé toujours Présent (D/1993/0281/77-ISBN 2-87-075-041-2)


<< Home